Groen

Zelf de meest zwartgallige droefgeestige verademt eventjes bij de gedachte van kleur in zijn leven vooraleer zich te bedenken bij het inzicht van de psychologische vooringenomenheid die we geven aan  kleuren en zodoende zwart, dat het dichtst bij dit leven staat, terug vergoddelijkt, eerder een zwart dan een wit onbeschreven blad, waarvan het inkleuren veel moeilijker is dan ons naïf voorgesteld wordt. Wat zou het leven zonder kleur zijn? Welke kleur beïnvloedt ons?

-Rood of wit?
-Groen! Ik vergezel mijn antwoord van een lichte grijns.
-Ik vroeg wat je wou drinken.
Niemand denkt nog aan kleur bij deze vraag, buiten de beschouwing dat er in deze vraag sowieso maar één kleur zit.

-Waar doet groen je dan wel aan denken?
-Aan rood aanlopen in de nacht, een gedicht, een broek in een trein.

Een gesprek neemt de vorm van een zwoele dans aan als er een subtiele repliek ontstaat bij onduidelijkheid, haar strak gezicht, dromerige ogen die de wereld niet meer aankijken maar een ongeordende gedachtenwereld, lippen die twijfelend beroeren en daarbij haar hoofd lichtjes in onevenwicht brengen. Ze lijkt wel te overwegen of we iets serieus grappig mogen bekijken? Of omgekeerd, waarbij de lichte verwarring tot ongemak kan leiden en de gevatte gesprekspartner snaaks ‘Het was een grap’ introduceert? Is er een verspreking? Wat is het verhaal? Het zijn verhalen die boeien in een gesprek, maar het zijn de woorden die voor de aanknoping zorgen, woorden spiegelen zich aan water dat deel uitmaakt van een oceaan, zonder verhaal is hun bestaan zinloos.

Een gedicht dat rood doet aanlopen is bevattelijk, maar wat heeft dit met groen te maken? Een broek in de trein is dan weer makkelijk begrijpbaar, doch koddig in deze context.

De donkere nacht geeft kleuren geen schijn van kans, onderdrukt ze miezerig, maar kan niet verhinderen dat een gedicht beschreven op een wit blad de kleuren een hart onder de riem steekt, verlichting brengt, de opgewektheid van de onderdrukte kleuren oplicht, passie opwekt alsof ze de kleurrijke big bang van de duisternis is. Die passie die enkel in obscure afwezigheid van licht bestaat, in het warme licht een vijand vindt, maar zich niet minder zichtbaar toont als tintelend kleurrijk vuurwerk. 

Die nacht presenteerde ik haar mijn liefdesgedicht.

-Groen is toch niet de kleur van overgave aan lusten?
Neen, da’s waar en de zwartgallige doemdenker vloekt tussen zijn tanden omwille van de bekrompen vooringenomenheid dat groen enkel rustgevend zou kunnen zijn en niemand geil zou maken. Daar wordt hij nu net zo ziek van en doet het licht uit zodat geen enkele kleur hem nog benaderen kan, maar kleuren hebben de volharding van water voor een hindernis en vinden hun geheime doorgang via de ontvankelijkheid van zijn gedachten, hun verlangen te leven ontspringt in dit sporadisch moment van hun oppressie.

Het was naïf van mij te geloven dat een gedicht die kleurrijke passie zou brengen en ze verdween in de nacht die plots weer kil en donker werd, maar die tot op vandaag de zon nog niet heeft kunnen beletten op te komen.

Zo stond ik de volgende dag op een trein te wachten die me naar mijn thuis zou brengen en die me de mogelijkheid geeft koeien aan te staren. De koeien zouden het deze keer zonder mijn aandacht moeten stellen, want plots stond ze daar op het perron. Op zo’n ogenblik erken ik de handigheid van een ervaren prater, daar waar het lichaam geen verstand van heeft moffelen woorden de verlegenheid onder tafel. Haar groene broek was het mooiste geschenk om dit moment levendig te verzachten, onze emotionele kwetsbaarheid versterken, hoop te koesteren, besef uit de grond te stampen, aanvaarding te brengen en een gesprek aan te knopen. En zo begon ons reisgesprek over groene broeken

Groen heeft me op die trein zeker niet rustiger gemaakt.

15/10/2017

Advertenties